Kruimelpad


Inhoud pagina: Regelgeving: algemeen

Het gemeente- en provinciebestuur zijn gedualiseerd. Dat betekent dat zowel de posities als de bevoegdheden van college- en raadsleden zijn gescheiden. De raad stelt kaders en controleert en het college heeft de bestuursbevoegheden en legt verantwoording af. De dualisering was ook een aanleiding om verdere verbeteringen in de begrotings- en rekeningprocedure aan te brengen. Niet omdat de begrotingscyclus zelf aanpassing behoefde, maar omdat het wenselijk was de begrotingscyclus dusdanig te versterken dat dit de kaderstellende en controlerende functies van de raad ten goede komt. Vrijwel alle veranderingen gelden vanaf begrotingsjaar 2004, voor zowel provincies als gemeenten.

De meeste veranderingen rond de begrotingscyclus zijn opgenomen in het BBV. In dit besluit is voorgeschreven dat er een begroting voor de raad is, een productenraming voor het college en informatie voor derden voor het rijk, het CBS, de Europese Unie en de toezichthouders. Ook is in het BBV voorgeschreven dat de begroting en jaarstukken identiek van opzet zijn. Daarnaast bevat het BBV bepalingen over de financiële positie, zoals over activeren, waarderen, reserves en voorzieningen. Zie verder onder Regelgeving: BBV.

In het BBV is opgenomen dat de functionele en categoriale indelingen, ten behoeve van derden, worden voorgeschreven in de Ministeriële Regeling informatie voor derden (Iv3). Zie verder onder Regelgeving: Iv3.

Naast het BBV en de Iv3 is er nog een aantal andere maatregelen, zoals die over de lokale rekenkamer(functie) dat van belang is voor de begroting en jaarstukken. Deze maatregelen zijn opgenomen in de Gemeente- en Provinciewet en het Besluit accountantscontrole provincies en gemeenten. Zie verder onder Regelgeving: overige


 
Zoeken